De Benelux-merkenautoriteiten hebben waarschijnlijk voor het eerst ter wereld een beslissing moeten nemen in een merkenprocedure waarbij de verweerder zich laat vertegenwoordigen door Chat GPT. Merkhouders mogen zich laten vertegenwoordigen bij de autoriteiten, en in de reglementen staat niet dat dit een natuurlijke persoon moet zijn. Een AI-programma zou in principe dus moeten kunnen, al moet het dan wel geregistreerd zijn binnen de EER. Daar heb ik mijn twijfels over, maar hoe goed was het AI-programma deze keer?
Penguin Books maakt bezwaar tegen de aanvraag van het logo ARTPENGUIN op basis van haar woordmerk en logo’s PENGUIN (uit 1996 en 2016). Het verweer laat te wensen over, vandaar de sneer van het BBIE: ‘Die prompt kan beter.’
Eerst en vooral vergeet het programma om bewijs van normaal gebruik te vragen, want alle ingeroepen merken zijn onderworpen aan de gebruiksplicht. Daarnaast ontbreekt een vergelijking of de producten wel degelijk soortgelijk zijn. Gevolg: Penguin Books krijgt bescherming voor alle aangevraagde producten, ook al worden deze niet effectief gebruikt. Bovendien vergelijkt Chat GPT de merken ARTPENGUIN met PENGUIN BOOKS, een merk dat helemaal niet werd ingeroepen. Een rommeltje dus! Het resultaat: de autoriteiten kunnen niet anders dan beslissen dat de merken overeenstemmen. Het aangevraagde merk wordt geweigerd en de verweerder moet de proceskosten betalen.