Merkenrechtelijk dispuut binnen de familie Hazes: wie heeft het laatste woord?

Merken

De familie Hazes lijkt opnieuw verwikkeld in een juridisch geschil. Ditmaal draait de discussie – niet voor het eerst – om de naamgeving binnen de familie. Rachel Hazes heeft haar zoon, André Hazes jr., te kennen gegeven dat hij de naam ‘André Hazes’ niet langer mag gebruiken. Volgens haar dient hij zich expliciet als ‘André Hazes jr.’ te profileren op concertaffiches, albums en andere commerciële uitingen. Het management van de jongere Hazes is het hier niet mee eens en stelt dat het publiek prima weet wie op het podium zal staan wanneer de naam ‘André Hazes’ vermeld wordt. De juridische realiteit is echter minder eenvoudig.

Rachel Hazes beroept zich op het merkenrecht en heeft daarbij een stevig argument. Sinds het overlijden van haar echtgenoot is zij de rechtmatige eigenaar van het merk ANDRE HAZES. Dit merk is ingeschreven voor diverse producten en diensten, waaronder muziekdragers, concerten en zelfs bier. Juridisch gezien geniet het merk volledige bescherming, waardoor uitsluitend zij het recht heeft om deze naam te exploiteren binnen de relevante sectoren. Concreet betekent dit dat André Hazes jr. de naam niet zonder toestemming kan gebruiken voor zijn optredens, albums of andere commerciële activiteiten.

Naast de formele kant van de zaak speelt ook de kwestie van potentiële verwarring. Wanneer iemand een album van ‘André Hazes’ cadeau krijgt, is het dan duidelijk of het werk van senior of junior afkomstig is? Vanuit het perspectief van consumentenbescherming is dat niet onbelangrijk. Rachel Hazes heeft dus een juridisch verdedigbare positie, maar de kwestie is minder eenduidig dan ze op het eerste gezicht lijkt.

Er is echter een cruciaal element: de timing van deze juridische stappen. Rachel Hazes wist reeds lange tijd dat haar zoon de naam ‘André Hazes’ als artiestennaam gebruikt. Indien hij deze naam al meer dan vijf jaar hanteert, kan het zijn dat Rachel haar rechten heeft laten verjaren door nalatigheid. In het merkenrecht geldt immers dat een merkhouder binnen een redelijke termijn moet optreden tegen inbreuk, doorgaans binnen vijf jaar. Wie te lang stilzit, riskeert zijn juridische positie te verzwakken. Met andere woorden: het is niet omdat men de klok stilzet, dat de tijd stopt.

Conclusie: Wie een artiestennaam gebruikt, doet er goed aan deze juridisch te beschermen door een merkregistratie. Bovendien is snel handelen essentieel bij mogelijke inbreuken. En last but not least: wie familiale vetes wil vermijden, overweegt best een fictieve artiestennaam. Het zou tenslotte niet de eerste keer zijn dat een familiegeschil uitmondt in een juridische klucht.

(Auteur: Melvin Kalika, Bron beeld: EMI/Label Top).